Overheden moeten vooral meebewegen!

Hoogleraar Martijn van der Steen vindt dat beleid maken vooral meebewegen is met wat er werkelijk in de maatschappij gebeurt. Daarvoor is experimenteerruimte nodig. In het vierde actualiteitencollege legde hij uit hoe de overheid publieke waarden kan realiseren en kan sturen in netwerken.

Martijn van der Steen, bijzonder hoogleraar Bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en Adjunct-directeur van de Nederlandse School voor Openbaar bestuur (NSOB): “Het is misschien gek dat burgers steeds meer belasting gaan betalen en dat de overheid hen tegelijkertijd vanuit moreel oogpunt vraagt om steeds meer mee te gaan doen. Daarover zal nog een normatieve discussie moeten gaan plaatsvinden. Maar ik zie het belang van de overheid om netwerken te betrekken en mensen te vragen om in actie te komen. Samenwerking tussen overheid, bedrijven, organisaties en burgers is onontbeerlijk binnen de huidige netwerkmaatschappij waarin we leven. We zullen samen maatschappelijke publieke waarden moeten gaan realiseren.”

Toepassen van het kwadrant

Van der Steen heeft voor gemeenten en organisaties een behulpzaam kwadrant ontwikkeld waarin hij een aantal randvoorwaarden heeft geformuleerd die helpen met de bedrijfsvoering rondom het nieuwe samenwerken. De vier voorwaarden vraagt van de gebruiker (de overheid) steeds opnieuw af te wegen vanuit welke waarde gewerkt zou moeten worden. Werk je bijvoorbeeld meer vanuit participerende rol of een rechtmatige rol.

Van der Steen: “Bij burgerinitiatieven, zoals bijvoorbeeld De Leeszaal in Rotterdam komen in de uitvoering daarvan voor de gemeente verschillende beleidsterreinen samen. De leeszaal is ontwikkeld van onderop door tachtig vrijwilligers. Tot zeven uur in de avond is De Leeszaal open en vindt er een breed scala aan activiteiten plaats. Een daarvan is de poëzieavond waar graag een glaasje wijn wordt geschonken. Vraag is of ze daarvoor dan een vergunning nodig hebben. Tot nu toe geeft de gemeente daar geen prioriteit aan, maar ondertussen twee deuren verderop is een klein café van een kleine ondernemer die wel een vergunning moet hebben. Waarom bij de een wel handhaving en bij de ander niet? En wat is het moment bij dit initiatief dat je het wel gaat doen? Er mag geen sprake zijn van willekeur.“

Verandering aan de bovenkant

Vooral aan de bovenkant moet iets veranderen. Niet zozeer dat medewerkers de ruimte krijgen, maar vooral dat de leidinggevende richting geeft. Er moet een cultuur worden gecreëerd waarin de professionals zich door de organisatie gesteund voelen in de keuzes die zij in hun dagelijks werk maken. Van der Steen: “Samenwerken moet niet van toevalligheden en mensen alleen afhangen. De praktijk is weerbarstig. Er kan alleen echt iets bereikt worden in de leefwereld als je de systeemwereld aanpakt. De overheid zal zich daarom steeds moeten afvragen en besluiten hoe ze zich daartoe verhoudt. Voor de overheid begint het met het faciliteren van het gesprek met initiatieven en te vragen: wat doen jullie?  In de praktijk kun je dat vormgeven door experimenteerruimte te creëren waar je als het ware ‘regelvrij’ kunt werken."

Tot slot adviseert Van der Steen overheden meer te kijken naar wat er zich in de praktijk afspeelt en per situatie te kijken op welke waarde (van het kwadrant) het meeste accent komt te liggen en wat je opstelling als overheid is. Een risico kan zijn dat er met een overheid die zich terugtrekt er ongelijkheid wordt gecreëerd tussen stevige sociale wijken versus de kansarmere wijken. Van der Steen: “Dat vraagt dus steeds opnieuw de inschatting vooraf van de gemeente; wat gaan doen en welke waarde komt in het geding.”


Dit artikel komt uit onze nieuwsbrief, en hoort bij ons kennisnetwerk: KoBB

Download de oratie van Martijn van der Steen: 'Tijdig Bestuur: strategisch omgaan met voorspelbare verrassingen'.