Rapport: 'Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid'

1047 keer bekeken

Hoge eisen van de samenleving aan de zelfredzaamheid van burgers maakt dat deze steeds meer zelf in actie moet komen en alert moeten zijn. Hiervoor is een vermogen van doen nodig. Iets dat niet altijd van nature aanwezig is maar volgens het WRR-rapport wel verbeterd kan worden.

Doenvermogen

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) vraagt met het rapport ‘Weten is nog geen doen’ aandacht voor het belang van niet-cognitieve vermogens, zoals het kunnen stellen van een doel, in actie komen, volhouden en het kunnen omgaan met verleidingen en tegenslag. Kennis en intelligentie alleen zijn niet genoeg voor redzaamheid.

Hoewel aanpassing van externe factoren, zoals het reduceren van de keuzedruk, positief kunnen bijdragen aan verbetering van het doenvermogen, waarschuwt de WRR geen overspannen verwachtingen te koesteren over de algemene trainbaarheid van niet-cognitieve vermogens. In elk geval bestaan er geen eenvoudige, snelle en goedkope oplossingen. Duidelijk komt naar voren dat beleid van de overheid van invloed is op dat burgers naast het hebben van een denkvermogen ook een steeds groter doenvermogen moeten hebben om te overleven in de huidige samenleving.

Gedragswetenschappelijke kennis

De WRR zet met dit rapport een volgende stap in de toepassing van gedragswetenschappelijk kennis in beleid. Steeds meer beleidsmakers onderzoeken hoe ze keuzearchitectuur kunnen inzetten om de cognitieve beperkingen van burgers te compenseren. ‘Weten is nog geen doen’ richt zich op de niet-cognitieve vermogens. Door een slimmer en realistischer ontwerp van beleid kan de overheid de redzaamheid van burgers versterken.


Samenvatting rapport

Site Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid