Themalijnen

Werkplaats Sociaal Domein NH (WSD-NH)
Regionale Kennisagenda

Waarom deze agenda?
Het lectoraat Empowerment & Professionalisering voert sinds 2012 één van de 15 regionale Werkplaatsen Sociaal Domein (WSD) uit. Elke Werkplaats bestaat uit een samenwerkingsverband tussen hogescholen, zorg- en welzijnsinstellingen, gemeenten en vaak ook cliëntenorganisaties en kennisinstellingen. Samen bepalen en voeren zij een regionale kennis- en ontwikkelagenda uit om vraagstukken in het sociaal domein aan te pakken. Elke agenda heeft zijn eigen regionale karakter en kleur.

Op basis van gesprekken met stakeholders in het sociaal domein in de regio Noord-Holland hebben wij de inhoudelijke focus bepaald voor 2023-2026. In dit document vindt u de onderwerpen van deze kennisagenda en de visie van waaruit wij werken.

Visie: bijdragen aan empowerment
In onze programma's en projecten werken we vanuit het gedachtegoed van empowerment, het overkoepelende thema van ons lectoraat. Dat betekent dat we in het vizier houden hoe onze projecten bijdragen aan de empowerment van individuen, groepen en gemeenschappen. Vanuit het besef dat het deels onzichtbare en vanzelfsprekende fundament van onze samenleving bestaat uit alles wat mensen in het dagelijkse leven met en voor elkaar doen. Waarbij we oog hebben voor de keerzijde, de polariserende tendensen waarin mensen van elkaar afdrijven en de focus op de eigen groep steeds sterker wordt.

Dit brede perspectief van empowerment zien wij als noodzakelijk voor het realiseren van een vruchtbare samenwerking tussen allen die samenwerken in het sociaal domein: gemeenten, professionals, bewoners, cliënten, vrijwilligers en ervaringsdeskundigen. Het versterken, ondersteunen of zichtbaar maken van de sociale kwaliteit in de samenleving is wat ons betreft onlosmakelijk verbonden met empowerment. Hiermee maken we de verbinding met het gelijkluidend overkoepelende thema uit de landelijke kennisagenda. Hiervan en hierover willen we de komende jaren leren, aan de hand van de volgende thema’s.

WSD-NH: focus op drie professionaliseringsvraagstukken en op de impact van het sociaal werk
Allereerst zijn door de partners met wie we samenwerken drie professionaliseringvraagstukken benoemd. Alle projecten die wij als WSD-NH de komende vier jaar doen, zullen gaan over een of meer van deze drie thema’s. Daarnaast richten we ons in alle projecten op de impact van het sociaal werk en/of het in kaart brengen van de impact.

Professionaliseringsvraagstuk 1: contextueel werken in het sociaal domein
Steeds meer residentiële voorzieningen in bijvoorbeeld de jeugdzorg, de geestelijke gezondheidszorg (ggz) en ouderenzorg worden gesloten. Het idee hierachter is dat het voor het welbevinden van mensen het beste is om te wonen in een zo ‘normaal’ mogelijke omgeving. Zoals bijvoorbeeld in een pleeggezin of een eigen woning met ambulante ondersteuning. Dit roept vragen op over welke ondersteuning mensen nodig hebben om zelfstandig te wonen, te participeren en onderdeel te blijven of worden van de buurtsamenleving. Tegelijkertijd vraagt het van sociaal werkers om aandacht te besteden aan de context waarin een ‘cliënt’ komt te wonen. Bijvoorbeeld over hoe met buren en andere omwonenden te praten over hun veiligheidsgevoel en over welke andere organisaties op welke manier te betrekken. Dit professionaliseringsvraagstuk raakt in het landelijk werkprogramma van de WSD 2023-2026 onderwerpen als sociale cohesie, sociale inclusie en collectief werken.

Professionaliseringsvraagstuk 2: interprofessioneel samenwerken
Een ander centraal onderdeel in het landelijke werkprogramma WSD 2023-2026 is samenwerken, waaronder domein-verbindend samenwerken en samenwerking tussen formele en informele partijen. De opgaven waar professionals voor staan kunnen doorgaans niet vanuit één discipline of specialisatie aangevlogen worden. Ook onze partners in Noord-Holland ervaren professionalseringsvraagstukken rondom samenwerken. Hoe samen te werken aan maatschappelijke vraagstukken ter bevordering van empowerment bij individuen, groepen en gemeenschappen? Een voorbeeld van een vraagstuk hierover waar we de komende vier jaar op in zullen gaan is hoe in de wijk samen te werken met professionals uit andere disciplines binnen en buiten het sociaal domein. Een ander voorbeeld is de vraag welke kennis en kunde sociaal werkers nodig hebben voor interprofessionele samenwerking en hoe zij deze kennis en kunde kunnen ontwikkelen. Ook spelen er vragen over hoe als sociaal werker om te gaan met de belangen van professionals uit andere domeinen, wat voor cliënten en bewoners uiteindelijk de baten zijn van interprofessionele samenwerking en hoe gemeenten hierop kunnen sturen. Vanuit de jeugdhulp hoorden we in het bijzonder de vraag hoe samen te werken op een manier dat het kind, het gezin en/of de ouder centraal staat en hoe hierbij regie te voeren.

Onder interprofessioneel samenwerken verstaan wij ook samenwerking tussen sociaal werkers en ervaringsdeskundigen. Daar waar ervaringsdeskundigen eerst vooral in de ggz betrokken waren bij de ondersteuning van cliënten werken ervaringsdeskundigen nu ook op andere terreinen in het sociaal werk, waaronder de jeugdhulp, projecten over stoppen met roken en armoede. De centrale vraag rondom samenwerking tussen sociaal werkers en ervaringsdeskundigen is hoe ervaringskennis en professionele kennis elkaar op zo’n manier kunnen aanvullen dat dit bijdraagt aan de kwaliteit van leven van de cliënt/bewoner. Uit de praktijk horen wij dat zowel ervaringsdeskundigen als sociaal professionals nogal eens spanningen ervaren in de onderlinge samenwerking en dat dit ten koste kan gaan van de ondersteuning aan de cliënt of bewoners. Ook ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid zijn onderdeel van het landelijke werkprogramma WSD 2023-2026 (zie figuur 2).

Professionaliseringsvraagstuk 3: omgaan met verticale polarisatie
Vanuit verschillende hoeken horen wij dat de afstand tussen overheid en burger toeneemt. Dit proces van zogenoemde verticale polarisatie was al gaande en lijkt te zijn versterkt door de Covid-19 periode. Mensen hadden door de maatregelen het idee dat hun dingen werden opgelegd waar ze zelf niet voor hadden gekozen. Jongeren hadden te maken met negatieve framing: ze hoorden steeds maar dat zij een onderwijsachterstand ontwikkelden, waardoor zij zelf in een negatieve spiraal terecht kwamen en weinig toekomstperspectief zagen. Maatregelen waren niet afgestemd op de leefwereld van jongeren en die van kwetsbare groepen, zoals mensen met ggz-problematiek en mensen in de maatschappelijke opvang. Mogelijk dat de afstand tussen burger en overheid nog verder toeneemt als gevolg van de huidige inflatie en dreigende energie-armoede.

Voor het sociaal werk is verticale polarisatie een relevante ontwikkeling, omdat het sociaal werk zich bevindt tussen de overheid en de burger in. Het grootste deel van het sociaal werk vindt plaats in opdracht van gemeente, en soms is het sociaal werk zelfs onderdeel van de gemeente. Tegelijkertijd staat het sociaal werk naast de bewoners en behartigt het de belangen van bewoners in de richting van de lokale en landelijke overheid. Het is goed voor te stellen dat hoe groter de afstand tussen overheid en burger, hoe moeilijker het voor de sociaal werker is om beide rollen te vervullen. Vragen waar we rondom dit professionaliseringsvraagstuk op in zullen gaan zijn:

  • In welke wijken en bij welke groepen speelt de verticale polarisatie?
  • Hoe kunnen sociaal werkers framing vanuit overheden (en de samenleving), zoals negatieve framing van jongeren als ‘kansloos’, ombuigen naar een positieve blik op en bejegening van cliënten en bewoners?
  • Hoe kan het sociaal werk als kritische samenwerkingspartner opereren voor de gemeente? Bij deze vraag gaat het bijvoorbeeld over het niet zomaar uitvoeren van opdrachten vanuit de gemeente, maar als constructieve samenwerkingspartner van de gemeente opereren en het bij overheden onder de aandacht blijven brengen van de leefwereld van cliënten en bewoners.
  • Hoe kan het sociaal werk het vertrouwen van cliënten en bewoners behouden of terugwinnen, zonder de rol van kritische samenwerkingspartner van de gemeente te hoeven verliezen?

Impact van het sociaal werk op kwaliteit van (samen) leven
Bij professionaliseringsvraagstukken is het altijd de vraag wat de impact ervan is op de kwaliteit van (samen) leven. Het gaat ten slotte niet om beter interprofessioneel samenwerken op zichzelf, maar om via interprofessionele samenwerking te komen tot empowerment van cliënten en/of bewoners. In al onze projecten behandelen we daarom of en hoe contextueel werken in de wijk, interprofessioneel samenwerken en/of het omgaan met verticale polarisatie bijdraagt aan de kwaliteit van (samen) leven. Het kan daarbij gaan om allerlei werksoorten, zoals de jeugdzorg, preventieve gezondheidsprogramma’s, het opbouwwerk en het voorkomen van eenzaamheid onder senioren. Inzicht bieden in de impact van het sociaal werk is ook onderdeel van het landelijke werkprogramma WSD 2023-2026 én het is een wens van onze regionale partners in Noord-Holland.

 

Figuur 1. Visuele en vereenvoudigde weergave van de regionale kennisagenda Werkplaats Sociaal Domein Noord-Holland

Figuur 1 vat de hoofdlijnen van onze regionale kennisagenda samen. We beogen als Werkplaats Sociaal Domein Noord-Holland de impact van het sociaal werk op empowerment in beeld te brengen via verhalen en cijfers. De speerpunten zijn een startpunt, waar tijdens de uitvoering van de werkplaats tussen 2023-2026 dingen in kunnen veranderen, als de maatschappelijke en regionale context daarom vraagt.

 

Landelijke thema’s
Naast de regionale agenda werken de Werkplaatsen gezamenlijk aan een aantal landelijke thema’s. Dit landelijke werkprogramma heeft als rode draad ‘Sociale kwaliteit in de sociale basis’. Het concept Social Kwaliteit wordt hierin gedefineerd als de mate waarin mensen de mogelijkheden hebben om te participeren in sociale relaties op een manier die hun welzijn, capaciteiten en individueel potentieel verbetert. In het landelijke werkprogramma zijn voor het werken aan sociale kwaliteit in de sociale basis een aantal concrete professionaliseringsthema’s geformuleerd (zie figuur 2, derde kolom).

Figuur 2. Landelijk gekozen professionaliseringsthema’s voor de Werkplaatsen Sociaal Domein (uit: Landelijk werkprogramma 2023 – 2026 Werkplaatsen Sociaal Domein

 

 

 

 
 

 

 

 

 

  • Geen resultaten gevonden

    Je zoekopdracht leverde helaas geen resultaat op. Controleer de spelling of probeer het opnieuw met een andere term.
Cookie-instellingen
Cookie-instellingen sluiten

Cookie-instellingen

Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.


Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.

Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.

Deze cookies zijn van aanbieders van externe content op deze website. Denk aan film, marketing- en/of tracking cookies.